|
Faciliteiten Telefooncentrale
Vox Consono® MD110 bc10
Personel Number
. Aanzetten #10#
. Uitzetten #10#
Call pick-up
U kunt vanaf uw toestel oproepen die worden gesignaleerd op een ander toestel beantwoorden:
 Kies het nummer van het toestel dat wordt gebeld.
Kies 8 of druk op cup of op de functietoets Park/Pick-up.
Tweede oproep
Als u tijdens gesprekken meer oproepen wilt kunnen ontvangen, schakel dan de functie `Tweede oproep mogelijk' in.
 Druk op de functietoets Tweede oproep mogelijk om deze functie in of uit te schakelen. Als de functie is ingeschakeld, brandt het lampje van deze toets.
 Beantwoord een tweede oproep door op de knipperende lijntoets te drukken.
 U kunt afwisselend met beide partijen spreken door steeds op de betreffende lijntoets te drukken. De andere partij wordt steeds automatisch in wachtstand geplaatst.
 U kunt het actieve gesprek verbreken door op de C-toets te drukken. U kunt het tweede gesprek vervolgens terugnemen door op de knipperende lijntoets te drukken.
Let op: als de interne oproeper de functie `Wachtrij' heeft geactiveerd, kunt u een tweede oproep ontvangen zonder de functie `Tweede oproep mogelijk'ingeschakeld te hebben.
Uitgaand gesprek opzetten
 Neem de hoorn op en kies het interne toestelnummer of kies eerst de aankiescode voor externe gesprekken (meestal het cijfer 0) en daarna het externe telefoonnummer.
 Als u handsfree een gesprek wilt opzetten, neem dan niet de hoorn op maar druk op een lijntoets, of op de luidsprekertoets, of kies meteen het eerste cijfer.
Herhaling van het laatstgekozen externe nummer
Het laatstgekozen externe telefoonnummer wordt automatisch in het systeem opgeslagen, ongeacht of de oproep werd beantwoord of niet.
 Neem de hoorn op en kies *** om het laatstgekozen externe telefoonnummer opnieuw te laten kiezen.
Ruggespraak
 Druk op Ruggespraak en kies een in- of extern nummer.
 Uw eerste gesprek staat in wachtstand (het lampje van die lijntoets knippert langzaam).
 Zodra de oproep wordt beantwoord, kunt u afwisselend met beide partijen spreken, een conferentiegesprek opzetten, doorverbinden of een van beide gesprekken beëindigen.
 Druk op de C-toets om het ruggespraakgesprek te beëindigen.
 Druk op de knipperende lijntoets van het eerste gesprek om dit terug te nemen.
Wisselgesprek
 Als u twee gesprekken hebt (door een tweede oproep aan te nemen of door een ruggespraakgesprek op te zetten), kunt u afwisselend met beide partijen spreken door steeds op de knipperende lijntoets te drukken.
Doorverbinden
 Druk op Ruggespraak en kies een nummer.
 Druk op Verbind door. U hoeft niet op beantwoording te wachten, maar dat mag natuurlijk wel. Als u wacht op beantwoording kunt u het gesprek aankondigen. Als u niet wacht op beantwoording en de oproep wordt niet binnen 60 seconden beantwoord, dan komt het gesprek op uw toestel terug als inkomende oproep.
Let op: als u meer gesprekken in wachtstand hebt staan, wordt het gesprek dat het laatste in wachtstand is gezet doorverbonden.
Als u een gesprek doorverbindt naar een bezet toestel, wordt de oproep in de wachtrij van dat toestel geplaatst. Het opgeroepen toestel hoort dan een keer een zacht belsignaal. Zodra het toestel het lopende gesprek beëindigt, wordt het doorverbonden gesprek gesignaleerd. Als doorverbinden naar een bepaald toestel niet is toegestaan, wordt de oproep opnieuw op uw toestel gesignaleerd.
Conferentie
U kunt tijdens een gesprek andere toestellen bijschakelen en zo een conferentiegesprek opbouwen met maximaal 7 deelnemers.
 Druk op Ruggespraak of op Lijn 2 en kies een nummer.
 Wacht op beantwoording en kies 3 of druk op conf, of druk op functietoets Conferentie. Nu hebt u een driegesprek.
U kunt nog maximaal 4 deelnemers op dezelfde wijze bijschakelen. In de tweede regel van het display toont de melding conf lead dat u degene bent die het conferentiegesprek heeft opgezet.
 Elke deelnemer kan zich uit het conferentiegesprek terugtrekken door te verbreken.
 Individuele wachtstand
U kunt een gesprek op uw toestel in wachtstand zetten. Terugnemen kan alleen vanaf uw eigen toestel.
 Druk op de lijntoets van uw gesprek. Het gesprek staat nu in wachtstand en het lampje van de toets knippert langzaam.
 Druk nogmaals op de lijntoets om het gesprek terug te nemen.
Algemene wachtstand
U kunt een gesprek in algemene wachtstand zetten, waardoor het binnen 1 minuut op elk ander toestel kan worden overgenomen. Als het gesprek niet binnen 1 minuut wordt overgenomen, wordt het weer op uw toestel gesignaleerd.
 Kies 8 of druk op cup of druk op functietoets Park/Pick-up en leg de hoorn neer. Het lampje van de lijntoets van dit gesprek gaat langzaam knipperen.
Terugnemen op uw eigen toestel
 Druk op de knipperende lijntoets.
Terugnemen op een ander toestel
 Kies het nummer van het toestel waarop het gesprek in wachtstand werd gezet en kies 8 of druk op cup of druk op functietoets Park/Pick-up.
Gekozen toestel is bezet
Automatisch terugbellen
Als u een bezet toestel belt of uw oproep wordt niet beantwoord, en als u geen buitenlijn kunt krijgen, kunt u automatisch terugbellen inschakelen. Zodra het gekozen toestel vrij is (bij bezet), zodra vanaf dit toestel een gesprek is gevoerd (bij geen antwoord), of zodra er een buitenlijn vrij komt, wordt u teruggebeld. U moet deze terugbeloproep binnen 8 seconden beantwoorden, anders vervalt de opdracht. Nadat u de terugbeloproep hebt beantwoord, wordt het eerder gekozen nummer automatisch opnieuw gebeld.
Bij bezet of geen antwoord
Kies 6 of druk op cab of druk op de functietoets Bel terug als u bezettoon krijgt of als uw oproep niet wordt beantwoord en verbreek.
 Beantwoord de terugbeloproep (herkenbaar aan een afwijkend oproepsignaal) binnen 8 seconden. Het eerder gekozen toestel wordt nu automatisch opnieuw gebeld.
Bij geen buitenlijn beschikbaar
 Kies 6 of druk op cab of druk op de functietoets Bel terug als geen buitenlijn krijgt na het kiezen van 0.
 Kies het externe telefoonnummer en sluit af met #.
 Verbreekt
 Beantwoord de terugbeloproep (herkenbaar aan een afwijkend oproepsignaal) binnen 8 seconden. Het eerder ingegeven telefoonnummer wordt nu automatisch opnieuw gebeld.
Terugbelopdracht annuleren
U kunt meer terugbelopdrachten geactiveerd hebben. U kunt als volgt een van deze opdrachten annuleren:
 Kies # 3 7 * toestelnummer of 0 (voor buitenlijn terugbelopdracht) #.
 Druk op de C-toets.
Alle terugbelopdrachten annuleren
U kunt alle geactiveerde terugbelopdrachten in een keer annuleren:
 Kies # 3 7 #.
 Druk op de C-toets.
Wachtrij
Als u een bezet toestel belt kunt u een enkel zacht belsignaal laten geven aan het bezette toestel. Leg de hoorn niet neer, maar wacht op beantwoording. Uw oproep staat nu in de wachtrij van het gekozen toestel. Zodra dat toestel het gesprek beëindigt, wordt uw oproep automatisch gesignaleerd. Als het gekozen toestel is beschermd tegen wachtrij, blijft u bezettoon horen.
 Kies 5 of druk op caw of druk op functietoets Wachtrij om uw oproep in de wachtrij te plaatsen en wacht op beantwoording.
Opschakelen
Als u een bezet toestel belt en u bent daartoe gerechtigd, kunt u in het lopende gesprek opschakelen (inbreken).
 Kies 4 of druk op intr of op functietoets Opschakelen. Er komt een driegesprek tot stand. Op de achtergrond horen alle deelnemers de opschakeltoon. Als het gebelde toestel de hoorn oplegt, wordt het onmiddellijk weer gebeld als u nog niet hebt verbroken.
Ook opschakelen op een buitenlijn is mogelijk als u geen buitenlijn krijgt na het kiezen van 0.
 Kies * 4 4 * lijnnummer # toegangscode (meestal 0).
 Kies 4 of druk op intr of op functietoets Opschakelen. Er komt een driegesprek tot stand. Op de achtergrond horen alle deelnemers de opschakeltoon. U kunt nu melden dat u de lijn wilt gaan gebruiken voor een dringend gesprek.
 Kies 4 of druk op intr of op functietoets Opschakelen.
 Kies binnen 20 seconden het gewenste nummer.
Doorschakelingen
Omleiding
U kunt oproepen voor uw toestel omleiden naar een vooraf geprogrammeerde bestemming. Uw systeembeheerder heeft deze bestemming voor u vastgelegd en tevens aangegeven of de omleiding geldt voor alle oproepen of alleen voor externe oproepen of alleen voor interne oproepen. Ook kan hij vastleggen of de omleiding altijd geldt of alleen bij bezet of bij geen antwoord. Als op uw toestel een doorschakeling is geactiveerd, kunt u zelf het toestel normaal gebruiken voor het maken van oproepen. U hoort dan een afwijkende kiestoon.
Let op: als uw toestel is geprogrammeerd met meervoudige doorschakeling en niet storen (vraag uw systeembeheerder), gelden deze faciliteiten voor alle lijnen.
Direct doorschakelen
 Druk op Schakel door om de omleiding te activeren. Het lampje van de toets brandt nu (als u eerst de hoorn hebt opgenomen, moet u tweemaal op deze toets drukken). Of kies * 2 1 # en druk op de C-toets.
 Druk nogmaals op Schakel door om de omleiding ongedaan te maken. Het lampje van de toets dooft. Of kies # 2 1 # en druk op de C-toets.
Let op: directe doorschakeling kan ook vanaf de bestemming worden uitgeschakeld, zie bij Volgstand.
Doorschakelen bij geen antwoord
Doorschakelen bij geen antwoord betekent dat oproepen worden doorgeschakeld als ze na 3 belsignalen niet zijn beantwoord.
 Kies * 2 1 1 # en druk op de C-toets om in te schakelen.
 Kies # 2 1 1 # en druk op de C-toets om uit te schakelen.
Doorschakelen bij bezet
Doorschakelen bij bezet betekent dat oproepen alleen worden doorgeschakeld als uw toestel bezet is.
 Kies * 2 1 2 # en druk op de C-toets om in te schakelen.
 Kies # 2 1 2 # en druk op de C-toets om uit te schakelen.
Doorschakelen naar een pieper
Doorschakelen naar een andere informatiedienst betekent dat oproepen worden doorgeschakeld naar bijvoorbeeld een pieper
 Kies * 2 1 8 # en druk op de C-toets om in te schakelen.
 Kies # 2 1 8 # en druk op de C-toets om uit te schakelen.
Volgstand, intern
U kunt oproepen voor uw toestel omleiden naar een door uzelf op te geven bestemming. Als op uw toestel volgstand is geactiveerd, kan uw toestel normaal worden gebruikt voor het maken van oproepen. De afwijkende kiestoon geeft aan dat Volgstand is geactiveerd.
Let op: als uw toestel is geprogrammeerd met meervoudige doorschakeling en niet storen (vraag uw systeembeheerder), gelden deze faciliteiten voor alle lijnen.
 Kies * 2 1 * bestemming # en druk op de C-toets om in te schakelen.
 Kies # 2 1 # en druk op de C-toets om uit te schakelen.
Bestemming wijzigen
Vanaf de opgegeven bestemming kunt u een nieuwe bestemming opgeven.
 Kies * 2 1 * eigen toestelnummer * nieuwe bestemming # en druk op de C-toets.
Volgstand uitschakelen vanaf de bestemming
Vanaf de bestemming kan volgstand naar dat toestel worden uitgeschakeld.
 Kies # 2 1 * toestelnummer waarvoor volgstand is ingeschakeld # en druk op de C-toets.
Volgstand, extern
Als deze faciliteit aan uw toestel is toegekend, kunt u oproepen laten doorschakelen naar een door uzelf op te geven externe bestemming.
 Kies * 2 2 # bestemming # en druk op de C-toets om in te schakelen.
 Kies # 2 2 # en druk op de C-toets om uit te schakelen.
Doorschakeling doorbreken
U kunt een toestel waarop Omleiding of Volgstand is geactiveerd toch bereiken door de code voor het doorbreken van de doorschakeling te kiezen.
 Kies * 60 * toestelnummer #. Het toestel waarop een doorschakeling is geactiveerd wordt nu toch gebeld.
Interne berichten
Verkort kiezen
Algemeen verkort kiezen
Door gebruik te maken van verkort kiezen kunt u oproepen maken door slechts enkele toetsen in te drukken. Veelgebruikte externe telefoonnummers kunnen in de centrale worden opgeslagen in de lijst met algemene verkorte nummers. Deze lijst wordt meestal opgenomen in de interne telefoongids.
 Kies het algemene verkorte nummer.
Individueel verkort kiezen
U kunt tien veelgebruikte externe telefoonnummers vastleggen onder de cijfertoetsen 0 - 9.
Kiezen
 Kies * * cijfer 0 - 9.
Programmeren
 Kies * 5 1 * cijfer 0 - 9 * telefoonnummer #.
 Druk op de C-toets om de procedure te beëindigen.
Wissen
 Kies # 5 1 * cijfer 0 - 9 #.
 Druk op de C-toets om de procedure te beëindigen.
Alle geprogrammeerde nummers wissen
 Kies # 5 1 #.
 Druk op de C-toets om de procedure te beëindigen.
Kiezen op naam
Onder de vrije functietoetsen kunt u telefoonnummers programmeren die vervolgens door één druk op de toets kunnen worden gekozen.
Kiezen
 Druk op een geprogrammeerde functietoets.
Functietoetsen programmeren
 Druk op de functietoets Program.
 Druk op de te programmeren functietoets.
 Kies het nummer.
 Druk nogmaals op de te programmeren toets.
 Druk nogmaals op de functietoets Program om de procedure te beëindigen.
 Noteer de naam bij de geprogrammeerde toets op het notitiekaartje.
Functietoetsen controleren en/of wissen
 Druk op de functietoets Program.
 Druk op de te controleren/wissen functietoets.
 Het nummer wordt in het display getoond.
 Druk op de C-toets om het nummer te wissen.
 Druk nogmaals op de functietoets Program om de procedure te beëindigen.
Gespreksgegevens
Gesprekskosten
Als daarvoor de befnodigde voorzieningen zijn getroffen in de centrale, is het mogelijk de actuele gesprekskosten te laten tonen in het display.
 Druk op cost om de gesprekskostenteller aan of uit te zetten.
Let op: als de functie is ingeschakeld, wordt de teller voor alle geld kostende gesprekken automatisch getoond.
Timer
U kunt de tijdsduur van uw gesprek bijhouden in het display.
timer
|
timerfunctie inschakelen
|
start
|
klok starten
|
stop
|
klok stoppen
|
rst
|
lok op nul (reset)
|
date
|
datum tonen
|
time
|
klok tonen
|
exit
|
timerfunctie verlaten
|
Let op: u kunt de timerfunctie gebruiken tijdens gesprekken, maar ook als uw toestel niet wordt gebruikt. De functies start/stop en date/time verschijnen op dezelfde positie.
Groepsfaciliteiten
Groep Call pick-up
In een call pick-up groep kunnen alle deelnemers alle oproepen op de groepstoestellen beantwoorden door 832 te kiezen of door op pick te drukken.
Algemene bel
Als oproepen worden gesignaleerd via een algemene bel, dan kunnen die oproepen vanaf elk toestel binnen de groep worden beantwoord door 833 te kiezen of door op pick te drukken.
Overige faciliteiten
Toonzender
Voor interactieve en telediensten kan het nodig zijn de toonzender in te schekeln, waardoor toetsaanslagen worden omgezet in tooncodes (DTMF: Dual Tone Multi Frequency).
 Kies tijdens een gesprek het cijfer 9 of druk op ete om te toonzender in te schakelen.
Automatisch beantwoorden
Het is mogelijk om uw toestel zo in te richten dat interne oproepen automatisch handsfree worden beantwoord. Automatisch beantwoorden kan permanent zijn ingeschakeld of in- en uitschakelbaar met een functietoets.
Permanent
 Programmeer optie 6 bij het instellen van belsignalen (zie Programmering).
Functietoets
Schakelt de functie in en uit door op de daarvoor door de systeembeheerder geprogrammeerde functietoets te drukken. Oproepen worden aangekondigd door een enkel belsignaal en vervolgens automatisch handsfree beantwoord.
Nachtstand
Het is mogelijk het systeem zo in te richten dat in nachtstand alle oproepen automatisch worden omgeleid naar één toestel of toestelgroep. Deze dagstand/nachtstand-situatie kan de systeembeheerder inrichten. Er zijn vier mogelijkheden:
Algemene nachtstand
|
Alle oproepen naar de bediening worden doorgeschakeld naar een bepaald toestel. Deze oproepen kunnen op de normale wijze worden beantwoord.
|
Individuele nachtstand
|
Bepaalde oproepen naar de bediening worden omgeleid naar een bepaald toestel. Deze oproepen kunnen op de normale wijze worden beantwoord.
|
Universele nachtstand
|
Alle oproepen naar de bediening worden gesignaleerd via de algemene bel. Zie voor beantwoording bij Algemene bel onder Groepsfaciliteiten.
|
Flexibele nachtstand
|
Met deze functie kunt u een buitenlijn direct aan uw toestel koppelen. Vraag uw systeembeheerder naar de details.
Activeren
Kies * 8 4 * 0 * lijnnummer # en druk op de C-toets.
Annuleren
Kies # 8 4 # eigen toestelnummer en druk op de C-toets.
|
Uitschakelen van faciliteiten
U kunt met één commando de volgende ingeschakelde faciliteiten uitschakelen:
 Automatisch terugbellen (alle terugbelopdrachten worden geannuleerd)
 Omleiding en in- en externe volgstand
 Terugbelverzoek en berichten
 Niet storen
 Flexibele nachtstand
 Kies # 0 0 1 # en druk op de C-toets.
Hotline
Vraag uw systeembeheerder deze faciliteit voor u in te stellen.
Vertraagde hotline
Bij een vertraagde hotline hebt u de gelegenheid gedurende een bepaalde tijd zelf een nummer te kiezen. Gebeurt dit niet, dan wordt automatisch het voorgeprogrammeerde nummer gekozen.
Directe hotline
Bij een directe hotline wordt altijd meteen het voorgeprogrammeerde nummer gekozen zodra de hoorn van het toestel wordt opgenomen of een lijntoets wordt ingedrukt. Directe hotline kan bijvoorbeeld worden ingesteld voor een alarmtoeste, een lifttoestel of een deurtelefoon.
Alarmtoestel
Een toestel kan door de systeembeheerder worden aangewezen als alarmtoestel. Een oproep naar een alarmtoestel resulteert automatisch in een opschakeling als het toestel reeds in gesprek is. Zo kunnen maximaal zeven oproepers tegelijk verbonden zijn met het alarmtoestel.
Noodstand
De bediening kan de centrale in noodtoestand schakelen. Tijdens de noodtoestand kunnen alleen door daarvoor aangewezen toestellen oproepen worden gemaakt.
Datacommunicatie
Uw toestel kan samen met een PC worden gebruikt als een geïntegreerde spraak- en data-terminal. Vraag details aan uw systeembeheerder.
Extra nummer
Uw systeembeheerder kan meerdere telefoonnummers aan uw toestel toewijzen. Om van deze extra nummers gebruik te maken moet steeds de betreffende functietoets worden ingedrukt.
Bijvoorbeeld om een gesprek op te zetten via een extra telefoonnummer:
 Neem de hoorn op.
 Druk op functietoets waaraan het extra telefoonnummer is toegewezen.
 Kies een nummer.
Meervoudige nummertoewijzing
Uw toestelnummer kan ook aan andere toestellen worden toegewezen. Op die toestellen is dan een functietoets geprogrammeerd voor uw toestelnummer. Zo kunnen oproepen voor u vanaf die toestellen worden beantwoord door op die functietoets te drukken en ook kan uw toestel worden gebeld door op die functietoets te drukken. Vraag uw systeembeheerder naar de details.
Hoofdtelefoon
Als uw toestel is uitgerust met een hoofdtelefoon, staan de volgende faciliteiten tot uw beschikking.
Activeren/deactiveren
 Druk op de functietoets Hoofdtelefoon om de hoofdtelefoon te activeren of te deactiveren.
Oproepen beantwoorden
 Druk op de knipperende lijntoets om een oproep te beantwoorden.
Gesprekken beëindigen
 Druk op de C-toets om een gesprek te beëindigen.
Oproepen maken
 Kies meteen een nummer.
Van hoofdtelefoon naar hoorn
 Neem de hoorn op.
Van hoorn naar hoofdtelefoon
 Druk op de functietoets Hoofdtelefoon.
Luidspreker aan tijdens hoofdtelefoongebruik
 Druk op de Luidsprekertoets om de luidspreker aan en uit te schakelen.
Van hoofdtelefoon naar handsfree
 Druk op de Luidsprekertoets en op de functietoets Hoofdtelefoon.
Van handsfree naar hoofdtelefoon
 Druk op de functietoets Hoofdtelefoon.
Autorisatie
Databescherming
Door databescherming in te schakelen kunt u voorkomen dat een gesprek wordt onderbroken door opschakelen en maantoon. De faciliteit wordt automatisch geannuleerd als de verbinding wordt verbroken.
 Kies * 4 1 # telefoonnummer
Niet storen, individueel
Als u `Niet storen' inschakelt, worden oproepen niet meer op uw toestel gesignaleerd. U kunt uw toestel normaal blijven gebruiken voor uitgaande oproepen. U hoort dan een afwijkende kiestoon.
Inschakelen
 Kies * 2 7 # en druk op de C-toets of druk op dnd of op functietoets Niet storen.
Uitschakelen
 Kies # 2 7 # en druk op de C-toets toets of druk op dnd of op functietoets Niet storen.
Niet storen, groep
Als uw toestel het hoofdtoestel is van een groep, dan kunt u voor de hele groep `Niet storen'in- en uitschakelen. U kunt met een code wel nog individuele toestellen in de groep bellen.
Inschakelen
 Kies * 2 8 * groepsnummer # en druk op de C-toets.
Uitschakelen
 Kies # 2 8 * groepsnummer # en druk op de C-toets.
Individueel toestel bellen
 Kies * 6 0 * toestelnummer #.
Programmering
Veelgebruikte telefoonnummers en functies kunt u programmeren onder de functietoetsen van uw toestel. Bepaalde functies moeten door de systeembeheerder worden geprogrammeerd.
Functietoetsen programmeren
 Druk op de functietoets Program.
 Druk op de te programmeren functietoets.
 Kies het te programmeren telefoonnummer of kies een functiecode (zie hiervoor de tabel met functiecodes). Verkeerd ingetoetste cijfers kunt u wissen door op de C-toets te drukken.
 Druk nogmaals op de te programmeren toets.
 Druk nogmaals op de functietoets Program om de procedure te beëindigen.
 Noteer de naam bij de geprogrammeerde toets op het notitiekaartje.
Functietoetsen controleren en/of wissen
 Druk op de functietoets Program.
 Druk op de te controleren/wissen functietoets.
 De programmering wordt in het display getoond.
 Druk op de C-toets om het nummer te wissen.
 Druk nogmaals op de functietoets Program om de procedure te beëindigen.
Functie
|
Code of nummer
|
Call Pickup Groep
|
832
|
Call Pickup Individueel
|
Toestelnummer + 8
|
Maantoon (Wachtrij)
|
5
|
Wachtstand
|
8
|
Conferentie
|
3
|
Naamtoets
|
Toestelnummer
|
Flexibele nachtstand
|
* 84 * 0 * lijnnummer #
|
Opschakelen
|
4
|
Functies die door de systeembeheerder geprogrammeerd moeten worden:
 Extra nummer
 Automatisch terugbellen
 Intercom
 Omleiding
 Niet storen
 Externe lijn
 Tweede oproep mogelijk
 Automatisch beantwoorden
 Individuele externe lijn
 Herhaling laatstgekozen externe nummer
 Malicious Call Tracing
 Terugbelverzoek
 Meervoudig nummer
Belsignaal
U kunt kiezen uit zes belsignalen, zie onderstaande tabel.
Belsignaal
|
 |
0
|
geen belsignaal
|
1
|
normaal belsignaal
|
2
|
vertraagd belsignaal (na 10 seconden)
|
3
|
enkel belsignaal (zacht)
|
4
|
vertraagd enkel belsignaal (zacht, na 10 seconden)
|
5
|
automatisch beantwoorden na één belsignaal via functietoets in- en uitschakelbaar
|
6
|
automatisch beantwoorden na één belsignaal
|
Let op: optie 5 en 6 zijn niet beschikbaar voor meervoudige nummers.
 Druk op de functietoets Program.
 Druk op de lijntoets waarvoor u het belsignaal wilt programmeren.
 Kies het cijfer van het belsignaal, zie de tabel.
 Druk nogmaals op de te programmeren toets.
 Druk nogmaals op de functietoets Program om de procedure te beëindigen.
 Druk op de C-toets om het display leeg te maken.
Belsignaal controleren
 Druk op de functietoets Program.
 Druk op de lijntoets waarvan u het belsignaal wilt controleren.
 Het geprogrammeerde cijfer wordt in het display getoond.
 Druk nogmaals op de functietoets Program om de procedure te beëindigen.
Melodie van het belsignaal
U kunt het belsignaal met tien verschillende melodieën laten klinken.
 Druk op de functietoets Program.
 Kies het cijfer van de melodie 0 - 9.
 Druk nogmaals op de functietoets Program om de procedure te beëindigen.
 Druk op de C-toets om het display leeg te maken.
Volume van hoorn en luidspreker
Tijdens gesprekken kunt u het volume van hoorn en luidspreker instellen met de toetsen Volume + en Volume -.
Volume van het belsignaal
Als uw toestel vrij is of wordt gebeld, kunt u het volume van het belsignaal instellen met de toetsen Volume + en Volume -.
Tonen en belsignalen
Tonen zijn geluiden die u hoort via de hoorn of de luidspreker. Belsignalen worden gegeven via de bel van uw toestel. U kunt het volume en het type belsignaal instellen, zie Porgrammering.
Kiestoon
|
 |
Speciale kiestoon
(omleiding is actief)
|
 |
Vrijtoon
(elke 4 sec.)
|
 |
Bezettoon
|
 |
Congestie
|
 |
Niet mogelijk
(afwijzingstoon)
|
 |
Wachtrij
|
 |
Bevestigingstoon
|
 |
Waarschuwingstoon
(bij opschakelen)
|
 |
Conferentietoon
(elke 15 sec.)
|
 |
Intern belsignaal
(elke 4 sec.)
|
 |
Extern belsignaal
(elke 4 sec.)
|
 |
Heroproepsignaal
(terugbeloproep en weksignaal)
|
 |
Lampindicaties
De lampjes in de functietoetsen geven de status van een functie of een netlijn weer.
Lamp uit
|
Functie uitgeschakeld / lijn niet in gebruik
|
Lamp aan
|
Functie ingeschakeld / lijn in gebruik
|
Lamp knippert langzaam
|
Lijn in wachtstand
|
Lamp knippert snel
|
Oproep of er is een bericht
|
Lamp onderbroken aan
|
Tijdens een gesprek
|
Display-informatie
 Als uw toestel niet wordt gebruikt, toont de bovenste regel algemene informatie zoals datum en tijd. De middelste regel toont uw toestelnummer. In de onderste regel staat de actuele functie van de softkeys.
 Tijdens uitgaande gesprekken wordt in de middelste regel de gespreksstatus en het gekozen nummer getoond.
 Als het gekozen toestel staat doorgeschakeld, wordt dit eveneens in de middelste regel aangegeven.
Het gekozen toestel 3333 staat direct doorgeschakeld naar toestel 5555.
 Als uw toestel wordt gebeld knippert in de middelste regel het nummer van de oproeper.
 Als het gekozen nummer naar uw toestel staat doorgeschakeld, wordt in de middelste regel aangegeven welk toestel werd gekozen en vanaf welk toestel wordt gebeld.
Toestel 2222 heeft toestel 4444 gekozen. Dit toestel staat direct doorgeschakeld naar uw toestel.
Softkeys
De afkortingen voor de softkeys hebben de navolgende betekenis:
acc
|
 |
account code
|
auth
|
 |
autorisatiecode
|
cab
|
 |
automatisch terugbellen
|
caw
|
 |
wachtrij
|
conf
|
 |
conferentie
|
cost
|
 |
gesprekskosten
|
cup
|
 |
call pick-up
|
date
|
 |
datum tonen
|
dial
|
 |
doorschakeling naar bericht activeren
|
time
|
 |
klok tonen
|
dnd
|
 |
niet storen
|
ete
|
 |
toonzender activeren
|
exit
|
 |
klok verlaten
|
intr
|
 |
opschakelen
|
lnr
|
 |
herhaling laatstgekozen nummer
|
lock
|
 |
toestel op slot
|
mct
|
 |
malicious call tracing
|
open
|
 |
toestel van slot halen
|
pag
|
 |
paging
|
pick
|
 |
groeps call pick-up
|
rst
|
 |
klok op nul (reset)
|
start/stop
|
 |
klok starten/stoppen
|
timer
|
 |
klok activeren
|
Diversen
Uitbreiding
Aan uw toestel kunnen één of twee uitbreidingsunits worden gekoppeld. Elke unit biedt vrije 17 functietoetsen.
Opties
Via de optie-unit DBY 410 02 kunnen de volgende accesoires op uw toestel worden aangesloten:
 tape recorder
 extra bel of bezetsignalering
 hoofdtelefoon of conferentie-unit
 tweede hoorn
Toestelhoogte
De voetjes van het toestel zijn verstelbaar, zodat u de stand van het toestel aan kunt passen aan uw wensen.
Displaystand
Het display is kantelbaar, zodat u steeds de juiste lichtinval kunt bewerkstelligen, hetgeen de leesbaarheid van het display verhoogt.
|